Draaien van het kind

U bevindt zich hier: Gynaecologie » Zwangerschap » Stuitligging » Draaien van het kind

Draaien van het kind

Allereerst vindt er echoscopisch onderzoek plaats. Aan de hand van de ligging van de placenta en de hoeveelheid vruchtwater, wordt bepaald of het kind gedraaid wordt. Ook wordt gekeken naar grotere aangeboren afwijkingen die mogelijk de oorzaak van de stuitligging kunnen zijn. Tevens wordt gekeken of het hoofd achterover is gekanteld. Hoge bloeddruk bij de moeder of een litteken in de baarmoeder kunnen ook reden zijn om het kind niet te draaien.

Het draaien vindt meestal plaats rond de 36e week van de zwangerschap. Als er weinig vruchtwater is, vindt het draaien meestal eerder plaats.

Het draaien zelf

Afhankelijk van het ziekenhuis wordt u poliklinisch behandeld of tijdelijk opgenomen. Degene die het draaien uitvoert is de gynaecoloog zelf, een assistent of een verloskundige.

Voordat men aan het draaien begint, wordt de hartslag (de harttonen) van de baby alsmede de ligging gecontroleerd.

Vervolgens moet u prettig gaan liggen. Eventueel kunt u extra kussens krijgen onder uw knieën. U moet zo ontspannen mogelijk liggen en uw buikspieren niet aanspannen. Eventueel krijgt u een weeënremmend middel toegediend, om de baarmoeder soepel te houden.

De arts pakt met twee handen de baby vast. Hij of zij probeert met zijn ene hand de billen van het kind omhoog te duwen en het hoofdje omlaag. Het kind wordt langzaam omgedraaid. Als de billen al wat zijn ingedaald, zal de assistent via de vagina de billen van het kind wat omhoog duwen om het draaien te vergemakkelijken.

Na afloop wordt de conditie van het kind opnieuw bekeken. Middels een CTG (cardiotocogram) wordt de hartslag van het kind geregistreerd.

Lukt het draaien of niet

In de laatste weken van de zwangerschap neemt het vruchtwater af. Dit verkleint de kans op succes. Echter, vóór de 36e week draaien geeft de baby kans om weer terug te draaien in de stuitligging. Daarnaast draaien de meeste baby’s vanzelf uit de stuitligging in de normale ligging.

Na het draaien

Als het draaien succesvol is geweest, dan kijkt men bij een volgende controle opnieuw naar de ligging van het kind. Een enkele keer draait het kind uit zichzelf weer terug naar een stuitligging. Deze kans is overigens groter bij vroeg in de zwangerschap draaien en als de hoeveelheid vruchtwater groot is. Indien nodig, kan het kind nogmaals gedraaid worden.

Is het draaien niet gelukt, dan zal de gynaecoloog de bevalling met u bespreken. U zult in elk geval geadviseerd worden om in het ziekenhuis te bevallen.

Risico's draaien van het kind

De risico’s zijn zeer beperkt. Voor de moeder is er soms een pijnlijke buik door het trekken en duwen om het kind te draaien.

Van de baby’s heeft 10% tijdelijk een iets langzamere hartslag, maar dat trekt bijna altijd bij. In maximaal 1% van alle gevallen is er sprake van een afwijkende hartslag na het draaien en dan kan het nodig zijn direct een keizersnede toe te passen om het kind geboren te laten worden. -->


(Advertentie)



U bevindt zich hier: Gynaecologie » Zwangerschap » Stuitligging » Draaien van het kind
(advertenties)

Print deze pagina uit Print deze pagina
Voeg Gynaecologie.nl toe aan je favorieten! Favorieten
(advertenties)